BLog

Nieuwste boven.


Blog 7 | Een schip zonder water



Het is een aardig projectje geworden. Zo’n 114 ramen zijn vervangen, 34 stalen tanks onder in het schip worden kaal gemaakt en opnieuw geverfd en in het vlak (de bodem) van het schip zitten inmiddels zo’n 60 gaten. Volgens onze technische chef is dat ongeveer 50 ton aan staal. Het hele schip is kaal gezandstraald en is nu rood (ze wordt wel weer wit hoor). Leuk feitje is dat er echt een boel verf op/in zo’n schip gaat. Aan het einde van deze eerste renovatieperiode  is er naar verwachting 25.314,6 liter verf gebruikt. Dat is denk ik meer dan de gemiddelde huis-, tuin- en keukenschilder in heel z’n leven wegkwast. Je ziet het schip voor je ogen veranderen, en dat is fantastisch.



Er ging een hoop aan deze onderhoudsperiode vooraf. Zomaar even een paar dingen. Om weg te mogen van het schip kon je je inschrijven op een lijst met activiteiten zoals bijvoorbeeld naar een (door Mercy Ships toegewezen) supermarkt, naar het strand (keuze uit twee verschillende), naar de bergen om te wandelen (in een toegewezen gebied) of een (vastgestelde) route rijden met de auto. We waren blij, want we konden in ieder geval even het schip af en de haven uit op die manier. Echter kregen we enkele weken voor vertrek uit Tenerife de vrijheid om zomaar de haven uit te lopen, met een keuze uit twee looproutes, en zonder tijdslot. Dus gewoon wanneer je ook maar wilde (wel voor 9 uur ‘s avonds dan). Wat een fantastische ervaring was dat. Ik heb er ontzettend van genoten om door de natuur te struinen, een bergje op te klimmen of om naar de rotsen te lopen waar de metershoge golven breken en verdwijnen in een lading van schuim. Het was oprecht een zegen.

Maar zo bleef het niet. Want het werd tijd voor droogdok. En daar ging nogal wat werk aan vooraf, ook voor onze afdeling. Droogdok is namelijk een totaal andere situatie op het gebied van beveiliging, noodgevallenrespons, bemanningsbestanden, administratie en huisvesting; allemaal zaken waar de Receptie-afdeling dagelijks mee bezig is. Regelmatig krijg ik ook de vraag wat de receptie nu eigenlijk aan boord doet, wat een begrijpelijke vraag is. Je zou namelijk niet denken dat receptie zo’n belangrijke afdeling is, echter is receptie juist het punt waar veel dingen beginnen, waar vaak de eerste stap wordt gezet en waarna de radertjes van verschillende afdelingen gaan draaien. Voordat iemand aan boord komt wonen is het receptie die voorbereid dat de juist documenten klaar liggen, dat de juiste sleutel klaar ligt, dat het bemanningslid is aangemaakt in het beveiligingssysteem en dat de beveiligers op de hoogte zijn van de aankomsttijd zodat ze weten wanneer ze de nieuwe ‘arrival’ kunnen verwachten. Op het moment dat de bemanning arriveert zorgen wij als receptie ervoor dat de gastvrouw op de hoogte is of zorgen we er bijvoorbeeld voor dat ze een auto tot haar beschikking heeft om de persoon op te halen bij de poort van de scheepswerf. Zodra de gastvrouw haar werk gedaan heeft maken wij een pasfoto, printen we een ID kaart en geven we veiligheidsinstructies. Daarna is het belangrijk om alle administratie goed op orde te hebben. Is de persoon ingecheckt in ons veiligheidssysteem, waar wordt het paspoort bewaard, hebben we de inentingsgegevens en weten we wie we moeten contacten als er een noodgeval is? Daarnaast is het belangrijk dat de persoon wordt toegevoegd aan de telefoonlijsten, aan communicatie groepen en moeten we ook weten hoe we het nieuwe bemanningslid kunnen oppiepen (veel mensen hebben een pieper op zak). Naast deze processen van arriveren en vertrekken zorgen we er ook voor dat de digitale informatieschermen up to date zijn, dat de telefoonlijsten vernieuwd worden, geven we sleutels, radio’s en telefoons uit, helpen we bemanning met het vinden van de juiste personen of roepen we een boodschap om, bijvoorbeeld in het geval dat het vacuüm systeem er weer eens uit ligt (het systeem waarmee de toiletten doorgespoeld worden en de afvoer van de douches en dergelijke). Ook doen we eigenlijk allemaal wel een andere baan naast onze receptiebaan momenteel. Zo is een van ons directiesecretaresse, is iemand anders de assistent van de Purser (degene die zich bezig houdt met het vele papierwerk van visums, vluchten, COVID testen enz), is de volgende aan het werk voor Medical Capacity Building (een tak van Mercy Ships die zich vooral bezighoudt met ontwikkelingswerk buiten het schip), is een ander bezet met werkzaamheden voor het Country Engagement Team (de mensen die nu al in Senegal zijn om alles voor te bereiden op de komst van het schip) en ben ikzelf hoofd receptie wat ook de nodige bezigheden met zich mee brengt. Zo zie je dat we op dit moment een beetje manusjes-van-alles zijn. Dit komt ook mede door het tekort aan personeel. Waar we ten minste 115 man nodig hebben om alle echt nodige beroepen in te vullen, waren we laatst slechts met 84 mensen wat extreem laag is. Ook in ons team was de nood redelijk hoog, gezien we slechts met drie overgebleven waren. Het is daarom ook echt een gebedsverhoring dat we deze week een nieuwe collega mochten verwelkomen en volgende week een tweede zal arriveren!


En dan nog het verhaal over de fantastische overtocht (klik hier) die we gehad hebben. Wat een feest was dat. We keken er lang naar uit en toen gebeurde het eindelijk. De trossen konden los. Vooraf waren er wat geruchten dat het flink kon gaan waaien, maar volgens de kapitein was het uitzonderlijk rustig water en heerlijk weer. De vaart was gewoon een zegen voor de hele bemanning om even het werk los te kunnen laten en te genieten van het spetterende water, de verfrissende wind en het wijdse uitzicht. Het voelde een beetje als het vertrekken van ons thuis, van ons plekje. Onze taxichauffeurs kwamen speciaal voor ons naar het schip om ons gedag te toeteren. Even zo de mensen van de havenpolitie die ons stonden uit te zwaaien. Even voor vertrek sprak de kapitein een gebed uit wat altijd gebeurt bij vertrek (en aankomst) van het schip, voor het land en de haven die we verlaten (of gaan bezoeken). Het zorgde voor kippenvel bij velen. Zoiets verwacht je toch niet, ik niet in ieder geval. Even uit de kust sprongen de dolfijnen ons voorbij alsof ze ons gedag wilde wuiven. Die avond hebben we gezongen op de boeg, hebben we sterren gekeken en hebben veel mensen op het dek geslapen (sommigen vrijwillig, anderen om dicht bij de reling te zijn want het schip deinde een beetje). De Heere was daar, en Hij gaf ons zo’n fantastiche tijd. Om nooit meer te vergeten.



En toen het droogdok in. Ons schip werd boven een lift gesleept en werd daarna het water uit getild. Alsof het niets is. Vijf grote shovels trokken ons naar de juiste plek, en daar lagen we dan, hoog op de kade (echt hoog) en zonder water om ons heen. Gek wel, een schip zonder water is een beetje als een auto zonder wielen. Een beetje hulpeloos en zielig, inactief en verlaten. Wat wel opvalt is dat het schip echt enorm lijkt nu. We zijn de grootste van de scheepswerf, dat is best cool toch!?

Inmiddels zijn we wel in een uitdagende situatie terecht gekomen. De eerste week ging prima qua warmte en faciliteiten. De airco was weliswaar uitgeschakeld, maar ons deel van Gran Canaria is overwegend bewolkt wat zorgt dat het meestal niet echt heet is. Na die week echter moesten alle deuren en ramen dicht vanwege het stralen en spuitwerk. De temperatuur in de slaapcabines steeg tot 30+ graden, en daarnaast wordt er zoveel extra werk ontdekt aan het schip (de staat valt tegen) dat het nu te druk werd en dat de bemanning het scheepswerfpersoneel in de weg zat. Daarnaast was er het vooruitzicht dat de watertoevoer, stroomtoevoer en vacuüm systeem er regelmatig af zouden gaan, wat echt een probleem is met ons aantal mensen aan boord. Ook worden de brandleidingen vervangen wat zorgt dat als er een brand uitbreekt het blussen een stuk moeilijker wordt, en het dus een stuk minder veilig is aan boord. Als laatste zag je mensen moe worden door de warmte maar ook door de herrie, gezien er tijdens de nacht doorgewerkt wordt; we werden een stuk ongeduldiger, prikkelbaar en mensen gingen klagen.  Dit alles heeft het management doen besluiten dat iedereen die kan, van boord is gehaald en tijdens de nacht in een plaatselijk hotel verblijft. Praktisch gezien betekent dit dat we aan land slapen en gedurende de dag aan boord werken. Alleen de hoognodige technische crew, mensen  met verantwoordelijke hoge functies zoals de kapitein en de mensen die geen geldig visum hebben om aan land te wonen (helaas veel Afrikaanse vrienden) moeten blijven slapen op het schip.

Het geeft ons een dubbel gevoel. Enerzijds is het nodig en stond onze directrice met tranen in haar ogen toen ze ons het nieuws moest mededelen, het is niet anders. Aan de andere kant is het een zegen en mogen we het waarderen. Het is alleen niet iets waar je direct aan denkt als je praat over vrijwilligerswerk. Toch is ons verzekerd dat dit economisch gezien ook de allerbeste oplossing is doordat er hard doorgewerkt kan worden en elke dag in droogdok ontzettend veel geld kost. Dit stelde ons gerust, en we zien ook dat het werk echt nodig is om het schip weer klaar te stomen voor de komende 15 jaar. We zien de veranderingen en het vele zware werk met onze eigen ogen en dat scheelt een hoop. We weten waar we het voor doen. Ook dit is nodig om straks weer vol gas de operaties in Afrika te kunnen hervatten en hoop en genezing te mogen gaan brengen aan mensen die het hard nodig hebben.



Dan nog even over mezelf. Ik schrijf dit verhaal uit de hoogte. Ik bedoel letterlijk dan, zo’n 10 kilometer ongeveer. Ik ben onderweg naar Texas, het hoofdkantoor van Mercy Ships. Aan een lange arbeidsovereenkomst is een soort ‘inburgeringscursus’ verbonden waarbij nieuwe bemanningsleden dit normaalgesproken moeten doen voordat ze aan boord komen. Echter waren door COVID de condities anders en had ik in de eerste instantie slechts getekend voor 4 maanden. Nu is het echter nog steeds een vereiste, en is het goed om toegerust te worden met kennis over de interne organisatie, kennis over jezelf en kennis over het omgaan andere culturen. Ik reis via Aruba door het inreisverbod dat geldt vanuit de EU naar de US. Het is super leuk dat er meer Nederlanders gaan, in totaal verwachten we 4 Nederlandse gezinnen waarvan er ook op ons nieuwe schip, de Global Mercy zullen gaan werken. Dat schip is afgeleverd en onderweg naar Antwerpen om daar helemaal uitgerust en klaargemaakt te worden om de operaties te gaan verdubbelen!


God is goed. Dat hebben we in de achterliggende tijd ervaren. Vaak bestuurt Hij dingen heel anders dan we verwachten, en toch is het altijd goed. Ja beter zelfs, want Hij weet wat goed voor ons is. Hij heeft voorzien in kracht voor ons allemaal om vol te houden, Hij heeft voorzien in geld om dit mega project uit te kunnen voeren, Hij heeft voorzien in personeel zodat ik nu weg kan, Hij heeft mij met Zijn trouwe zorg overladen in de achterliggende negen maanden. En Hij zal voor ons blijven zorgen in de toekomst. Hij blijft ons anker, onze Kapitein en onze Heere.

Dank voor uw geduld, deze blog heeft even geduurd. Dank voor uw gebed, dank voor de berichtjes (ik weet het, ik ben niet zo’n trouwe apper), kaarten en stroopwafels. We gaan landen, dus tijd om een einde te breien aan deze blog. Waar we ook vliegen, de goede richting is naar Boven. Dat toegewenst.

Goede vlucht,

Jako